Drone-aanval zorgt voor hogere benzineprijzen

De olieprijs is maandag 16 september met zo’n negen procent gestegen, nadat twee olie-installaties in Saoedi-Arabië zaterdag werden getroffen door een drone-aanval.

Door de aanval op de olievelden ligt ongeveer vijf procent van de wereldwijde olieproductie stil en dat zal worden doorgerekend in de benzineprijzen. NU.nl meldt hierover.

Paul van Selms van consumentenadviescentrum United Consumersverwacht verwacht dat automobilisten tussen de
1 en 2 cent meer zullen gaan betalen voor benzine. “Normaal zie je prijsstijgingen van tussen de 0 en 1 cent, maar dat zal nu misschien wat heftiger zijn. De heftigste prijsstijging die ik de afgelopen twintig jaar heb meegemaakt, is een stijging van 2 cent.”

Een benzineprijsstijging van 1,5 cent zou een procentuele stijging van bijna 1 procent zijn, een stuk lager dan de stijging van de olieprijzen. “Het is niet zo dat als de olieprijzen met 10 procent stijgen, dat de benzineprijzen dan ook met 10 procent stijgen”, legt Van Selms uit.

De prijzen stijgen niet evenredig met elkaar, omdat de olieprijs slechts een deel uitmaakt van de benzineprijs. In Nederland maken btw en accijnzen 62 procent van de benzineprijs uit. De olieprijs zit verwerkt in de productie, ongeveer 28 procent van de pompprijs. Daarbij kunnen olie-inkopers gewoon wachten tot de olieprijs iets lager ligt. “De prijsstijging hoef je dus niet van de ene op de volgende dag door te voeren”, aldus Van Selms.

Dus wie niet direct morgen gaat tanken is geen olie-bol.

Reacties kunnen niet achtergelaten worden op dit moment.